Columns

De Koning van Wezel
Complimenten? Daar doen we niet aan.

Auteur Jan Ruigrok
Datum 07/05/2017

Marit, mijn kleindochter, heeft haar eerste basketbalclinic gehad en tekende de essentie ervan op mijn whiteboard. Het lesje techniek dat ik erbij kreeg leidde dat ertoe dat ik nu beter weet hoe ik een bal moet vasthouden voor ik hem werp. Ik kom tot een hogere score dan ooit.
Ik had de neiging om tegen haar te zeggen ‘Marit, wat een prachttekening en wat kan jij goed uitleggen', maar ik hield me in. Dat leerde ik van Dorian, onze echo-ambassadeur. Zij is niet zo scheutig met complimenten; sterker nog, ze geeft ze zo min mogelijk: ‘Complimenten leiden voor je het weet tot aangeleerd gedrag. Kinderen leren wat ze moeten doen om hun opvoeders tevreden te stellen‘. Als opa zegt, ‘goh, wat een mooie tekening’ nestelt zich in haar brein (en niet in haar hart) de gedachte ‘oh, als ik opa blij wil maken , moet ik dus mooie tekeningen maken. En blije opa’s zijn handig, want die doen leuke dingen met je.’ Voor je het weet ben je bezig de hele wereld te plezieren: een goede basketballer zijn, een lief aardig meisje, een grote stoere bink, noem maar op. Op den duur kan je dat aardig opbreken. Bijvoorbeeld wanneer blijkt dat je je omringd hebt met mensen die allemaal verwachtingen van je hebben waar het steeds moeilijker is om aan te voldoen en waartegen je geen 'nee' meer kunt  zeggen.
Wat Dorian in plaats zet voor die complimenten is het benoemen van wat je ziet gebeuren én het effect dat dit op jou heeft.
Ik deed het bij Marit: ‘Volgens mij had je enorm veel plezier in het maken van die tekening’ en ‘door jouw uitleg krijg ik die bal veel makkelijker in het netje (‘basket, opa!’), dan me ooit is gelukt’. Voorwaarde is natuurlijk wel oprechtheid, trucs hebben die donderstenen zo in de smiezen. Het resultaat van deze feedback, kostte me de volgende ochtend mijn ontbijt. Ik was nog niet wakker of ik kreeg een clinic voor gevorderden en kon ik in de tuin een basket ophangen. Het gaat verder dan basketballen want na al mijn levensjaren maak ik een ontwikkeling door in de richting van vingerhaakexpert.
Inhouden op complimenten, raakt aan herstelgericht werken. Daar werken we veel met cirkels waarin leerlingen elkaar aanspreken en praten over alledaagse tot de meest ingrijpende zaken. Wat me in beginnende cirkels iedere keer weer opvalt, is dat wanneer een leerling iets spannends heeft gezegd, de blikken erna naar mij als gespreksleider gaan in de hoop dat ik daar positief op reageer: ‘Ik heb iets goeds gedaan, mag ik nu mijn complimentje te bevestiging?’ Ik vermijd de leerling aan te kijken en richt me het punt in het midden van de cirkel, waar ik een bos bloemen of iets anders heb neergezet. Er ontstaat even een ongemakkelijk gevoel, niet alleen bij de leerling, maar bij de hele groep. In dat ongemak, gaan ze elkaar aanspreken. De waardering en de complimenten komen niet uit het brein van de professionele begeleider maar uit de harten van de medeleerlingen en die zijn natuurlijk eindeloos veel meer waard.
Hoe meer jij leerlingen complimenten geeft, hoe meer ze achterover gaan zitten. Complimenten als hondenbrokken die je toegeworpen krijgt na het vertonen van gewenst gedrag. De kunst om niet het circus maar het natuurpark te ontwikkelen, is het creëren van een omgeving waarin leerlingen elkaar aanspreken.
En wat effect van Marit haar basketbalclinic betreft: die heeft toch maar mooi tot deze column geleid.

Voor meer De Koning van Wezel columns ga naar: Publicaties > Columns